De gedachte bestond al even om kortbij een vierdaagse wandeling te maken. Na wat opzoekwerk viel de keuze op het Krijtlandpad SP7.

Het betrokken wandelboekje, uitgegeven door de ANWB, met gedetailleerde kaartjes werd ontleend en een GPS-track opgeladen. Ik moest niet veel moeite doen om wandelmaat Luc warm te maken voor een verlengd weekendje, zo dicht bij huis.
Aangezien het Krijtlandpad één grote luswandeling is van 90km moest enkel nog een datum geprikt en het verlof geregeld.
Het Krijtlandpad ligt in Zuid-Limburg en start / stopt aan het station van Maastricht.
Krijt is de naam voor mergel of kalksteen. De plateaus van Margraten, Eperheide, Vijlen en Bahneheide vormen het Krijtland. Door de insnijdende werking van de rivieren zijn heuvels ontstaan. De exploitatie van mergelgroeven was een economische bedrijvigheid in het Limburgse. Typisch zijn dan in de stedelijke gemeenten de zandstenen huizen. Op dit ogenblik wordt mergel enkel nog gebruikt voor restaturatiewerken. Op het platteland daarentegen vind je de typische boerderijstijl van huizen, bestaande uit muren van witgekalkte leem en zwarte balken. Voor onze noorderburen is dit een gebied met de hoogste heuvels welke te vinden zijn in Nederland.
Ten zuiden grenst de Belgische voerstreek en ten oosten het gebied rondom Aachen.Het hoogste punt van Nederland vind je dan ook in dit gebied terug.

Dag 1: Gronsveld-Slenaken (24km)
Om praktische redenen is onze start/stopplaats even ten zuiden van Maastricht gepland. Om 10u worden we afgezet aan een parking welke grenst aan het pad.  Na het vastgespen van de rugzak zijn we op weg. We wandelen langsheen de Maas in het natuurgebied Eijsder Beemden en lopen zo naar Eijsden. Het terrein is vlak en het gras wordt kort gehouden door Konakpaarden die wat verder staan te grazen. De Galloways hebben zich blijkbaar goed verstopt, want die laten zich niet zien. Onderweg zien we nog enkele zwanen en zo starten we in een idyllisch tafereel.
Net aan de buitenrand van Eijsden is er het kasteel Eijsden uit 1636 en is gebouwd in Maaslandse Renaissancestijl. Het is één van de mooiste kastelen in Nederlands Limburg. Enkel het park is vrij toegankelijk en we wandelen via de grote toegangspoort naar binnen voor een kijkje.
Eenmaal Eijsden achter ons, verlaten we langzaam de Maasvallei en wordt het landschap vals plat.
Over een wandelafstand van 7km zal het totaal hoogteverschil slechts 180 meter bedragen en de daaropvolgende 5 km een 160 meter. Niet spectaculair dus. De paden zijn droog en goed begaanbaar.

Net voorbij Mheer ontmoeten we een lichtbepakte hiker tijdens zijn pauze en uit de korte babbel blijkt dat hij van Rotterdam op weg is naar Rome. Na een stuk van de GR5 in België en het Krijtlandpad in Nederland zou hij via de E8 richting Italië hiken. Goed voor een 3-tal maanden wandelplezier. Respect.

Ondertussen kan ik niet weerstaan aan een tas koffie met een stuk rijstvlaai. Later zal blijken dat in elke HORECA-zaak “koffie met een stuk vlaai” wordt aangeboden. Smaken doet het wel.
Wanneer we Noorbeek van uit de hoogte naderen, lopen we over een pracht van een afdalingspad. De witte bloesem van de fruitbomen in contrast met een weide van gele paardenbloemen maakt het plaatje af.

In Noorbeek is er nog een korte drinkpauze en is het verder genieten van één van de meest traditionele dorpjes in het heuvelland. Na de pauze lopen we voorbij herberg St-Brigida, één van de bekendere pleisterplaatsen op het pad.
In de late namiddag wandelen we Slenaken binnen, een leuke gemeente aan de Gulp. Hier is ook een bakker en superette aanwezig. In één van de plaatselijke restaurantjes smaakt de maaltijdsalade op het terras voortreffelijk.
Het pad wordt even verlaten om via een stevige klim op camping Heyenrade, in het  Slenaaks gehucht Heyenrath, de tent op te slaan.
De zon is nog steeds van de partij en werpt een mooi strijklicht op de heuvel waar we staan.

Dag 2: Slenaken-Rott (29km)
Na een vlotte nachtrust, worden we wakker in een dikke mist. Op de slaapzak liggen er kleine witte bevroren bolletjes. Na het ochtendritueel, een ontbijtje en het terug inpakken zijn we terug op stap voor dag 2 en pikken we terug in op het pad.
Een uurtje later klaart alles netjes op en is de zon weer van de partij. Eerst door het Onderste- en Bovenste Bosch en daarna langsheen weilanden en bosranden.
Ter hoogte van Terziet blijken de zonnebril, hoedje en zonnemelk niet tevergeefs mee ingepakt. Het voelt veel warmer aan dan de voorziene 14°. Geen wind en met een rugzak lopen helpen natuurlijk dat gevoel versterken.

Het terrein wordt heuvelachtiger, dal in en dal uit. Alleszins met mooie vergezichten over het dal van de Geul. Eenmaal ter hoogte van Epen-Camerig is er een erg smalle en holle weg dat het zwaarste is wat het Krijtlandpad biedt.  Bij veel regenval moet dit een glibberige bedoening zijn. Gelukkig is alles kurkdroog en buiten wat loszittende gesteente lopen we zo het plateau op.

Na het ontmoeten van een jong en sympathiek hikingkoppeltje en na de klassieke babbel, lopen we vervolgens het Vijlenerbosch in.
Gedurende een hele tijd is het wandelen op een mooi en zo goed als vlak pad doorheen het bos, waarna enkele kilometers ‘t  Hijgend Hert op opdoemt.
“Nederlands enige berghut” staat op een bord en … met een eigen (weliswaar in België gebrouwen) bier.
Maar buiten de drink- en eetinfrastructuur is er bij navraag geen dortoir voorhanden. ‘Berghut’, nu ja…. marketing heeft ook zijn plaats in de economie. Na een broodje met kaas en een dorstlesser wordt er verder naar het zuid-oosten getrokken, richting Vaals.

We wandelen langs twee grafheuvels, uit de Bronstijd; en we flirten hier wat met de Belgische grens. Na de nodige wandelkilometers en stijgingsmeters komen we in de toeristenval Drielandenpunt uit. Eerst langs de Boudewijntoren (B), daarna de Wilhelminatoren (NL) en dan is het vlug verder stappen; weg van de toeristische drukte.
De afdaling naar de gemeente Vaals gaat vlot en we gaan op zoek naar een slaapplaats. De camping blijkt dicht te zijn en er is niet dadelijk een alternatief; tenzij hotels. Na een korte pauze komen we uit in Holset. De vriendelijke mevrouw van Oud Holset hoort voor mij rond en biedt een tentslaapplaats op een parking aan. Ik bedank haar hartelijk voor de gedane moeite en besluit door te wandelen naar Vijlen. Ondertussen vinden we nog steeds niets om te slapen. Ten einde raad even bij Yvonne van A’gen Kirk aangeklopt. Zij vindt voor ons een oplossing op een boerderij in Rott, nog een drietal kilometer verder te wandelen. Na 26 kilometer in de benen kunnen, voor wandelmaat Luc en mij, die 3 kilometer er nog wel bij.
We kruipen vroeg onder de dons met tussen ons in een doosje zoutnootjes uit mijn voorraad en een zakfles Whiskey,  die Luc tevoorschijn haalt.

Dag 3: Rott-Valkenburg (20km)
Na een verkwikkende nachtrust biedt dag 3 zich aan. Een fris windje, afgewisseld met zon tussen de wolkenslierten door, is op de kale plateau’s continue aanleiding tot het uit- en wat later terug aantrekken van een windshell. De onverharde paden zijn breed en het wandeltempo gaat vlot omhoog. Af en toe zijn de zondagswandelaars of een eenzame mountainbiker de tegenliggers en onderweg zien we nog per toeval een wilde ranonkel in bloei. Door het vlot wandeltempo zijn we snel in Valkenburg en belanden vroeg op de stadscamping. Wij zijn de enige op het trekkersveldje. Wat verder staan de motohomes zij aan zij en Valkenburg ligt aan ons voeten. Na een verkwikkende warme douche trekken we propere kleren aan en besluiten Valkenburg te bezoeken. Na 500 meter en enkele minuten later staan we in het centrum. Als we een frituur zien hebben we geen woorden nodig want even later zitten we elk met een puntzak krokant gebakken frietjes te genieten.

Dag 4: Valkenburg-Gronsveld (21km)
We staan op en na het ochtendritueel en het inpakken zijn we op weg naar een bakker. Even later zit ons ontbijt achter de kiezen en wandelen we langsheen de Geul Valkenburg uit. De daslook op de hellingen onderweg is nog niet in bloei.
Bij Geulhem volgen we 100 meter de Geulhemmerweg die links afdraait om enkele rotswoningen te bekijken.
Daarna keren we terug op het pad richting Amby en vervolgens Maastricht. We wandelen door naar de Maas om vervolgens links net voor de Sint Servaasbrug af te slaan. Een tweetal kilometer verder slaan we af en lopen het natuurpark Kleine Weerd in. Enkele Konakpaarden grazen rustig verder en we maken een boog voor een merrie met haar veulen om niet te storen.
Enkele kilometers verder komen we terug aan de oppikplaats en zit de vierdaagse er op.

Praktische info:
KAARTEN
We maakten gebruik van de kaartjes, afgedrukt in het boekje: Krijtlandpad –streekpad 7-, uitgegeven door ANWB. Te vinden in ANWB-winkels, via de website van de ANWB of in het bibliotheek. Aangezien de laatste druk dateert van 2005 is er hier en daar wat gewijzigde informatie. Je kan deze wijzigingen terugvinden via:
http://wandelnet.nl/routewijzigingen-krijtlandpad-sp-7/meldingen

OVERNACHTEN
We hadden 3 overnachtingen, waarvan 2 op een officiële camping.
Camping Heyenrade te Slenaken-Heyenrath: 12,60 euro. Douchemuntjes zijn apart te betalen.
Camping Den Driessche te Valkenburg: 16 euro. Douchemuntjes 0,70 cent zijn apart te betalen.